Mijn Moment 2013

Vorig jaar vierde ik mijn Grote Oversteek naar Texel in Mijn Moment, een geweldig initiatief van Henk-Jan Winkeldermaat. Mijn Moment van 2013 was verdwaald… ik heb de broodkruimels gevolgd en het teruggevonden. Nu hier te lezen.

ImageZomervakantie 1976. Ik was twaalf en we waren op Texel. Ik ging in het stapelbed in het huisje helemaal op in in het allereerste boek dat ik ooit voor mezelf had gekocht. Een natuurboek natuurlijk, en ik zou later bioloog worden. In het boek stond dat je onder bijzondere omstandigheden en met véél geluk, het lichten van de zee kon zien, veroorzaakt door kleine algen die je normaal niet kon zien. Het idee vond ik betoverend en sindsdien wilde ik, moest ik, dit wonder beleven. Net als een zonsverduistering en het noorderlicht trouwens.

Na mijn verhuizing van Amsterdam naar Texel in 2012 kon ik na jaren vooral in de stad geweest te zijn eindelijk mijn hart weer ophalen en heel veel in de natuur zijn. Goed voor mijn lijf, maar nog beter voor mijn ziel. In de zomer van 2013 was daar na al die jaren dan eindelijk het wonder. Erik en ik reden in de donkere nacht door de duinen naar het strand. Ik kleedde me uit en waadde door het water en zag de spetters oplichten. Ik moest zwemmen. Best eng in het stikkedonker. De beloning was overweldigend, ik zwom in licht. Samen genoten we van dit zeldzame fenomeen, van elkaar en van mijn jeugddroom die uitkwam.

Niet meer werken door ziekte en toch voldoening vinden in het leven, in een tijd waarin iedereen zijn eigen merk is. Dat is een hele opgave. Natuur, mooie mensen en liefde houden me overeind. En iets van binnen, al snap ik niet precies wat.

Image

De wereld vangen

De zon schreeuwde mij gisteren uit bed. Na de koude winterweken met vorst en sneeuw leek het ineens wel lente op Texel. Er was hier maar weinig sneeuw gevallen en er lag na een dag dooi al bijna niks meer. Even goed nog ingepakt als een michelinvrouwtje bromde ik enthousiast naar buiten, het eiland over. De zachte lucht rook alweer lekker naar bos en boerenland. Het liefst zou ik hele dagen buiten zijn en lange wandelingen en fietstochten maken. Nu houd ik het nog kort… langzaam opbouwen is het devies.

Als ik alleen door de natuur loop zie ik altijd zoveel moois wat ik het liefste direct zou laten zien, maar helaas lijkt het 3G-net op Texel wel gatenkaas. Zonder iPhone zijn de wandelingen anders. Ze worden vastgelegd in beeld en er ontstaat een collectie die ik steeds opnieuw bekijk en waar ik steeds weer blij van word. Mijn wereld, wat heerlijk!

Zeldzaam voldaan reed ik weer naar huis, waar ik eindelijk mijn instagrams kon posten.

Strandstronk - Jan Ayeslag Texel

Strandstronk – Jan Ayeslag Texel

Dingen doen

Mee met m'n schoonvader in de jeep... over het strand van Ameland. Hoogtepunt

Mee met m’n schoonvader in de jeep… over het strand van Ameland. Hoogtepunt.

Schrijven over dingen die goed gaan is niet zo moeilijk. Lekker zelfs. Maar als het minder goed gaat… wat moeten andere mensen daarmee? Dat ik zo baal van die verpeste winters waarin elk klein virus ervoor zorgt dat ik maanden moet leven op een batterij van een scharrige 20%. Dat ik steeds het gevoel heb dat ik me moet verontschuldigen. Dat ik ervan baal dat ik tegen zoveel dingen nee moet zeggen omdat de prioriteit ligt bij de basis. Gezond en lekker eten, kleine klungels in huis en rust. Met die 20% kan ik het best een poosje uithouden. Ik verhonger niet en heb ontzettend leuke en bijzondere sociale contacten, vooral via internet.

Deze week is er een lezing om de hoek. Leuk onderwerp. Leuke mensen. Ik wil erheen. Dat betekent plannen. Middagdut doen en een maaltijd uit de vriezer ontdooien, want koken kost energie. Maar op diezelfde dag gaan we met een paar buurtcommissieleden de resultaten van onze enquete onder de buurtbewoners uiteen rafelen. Twee dingen op één dag. Hoe ga ik dat redden? En donderdagochtend komt m’n hulp van de thuiszorg. Onmisbaar, maar ook als zij het werk doet ben ik daarna doodmoe.

Het gaat nog wel even duren dit. En ergens middenin zo’n periode moet ik altijd mentaal schakelen. Echt accepteren dat er voorlopig niet meer in zit en genieten van wat wel kan. Ik ga weer een lijstje maken… van leuke dingen.

Mijn moment

texel

Lente. Carillonklanken dwarrelen over de Jordaan naar mijn balkon. Mussen vliegen af en aan. Buiten krijgen de bomen langs de grachten nieuwe blaadjes, een betoverend groen waas. Lopend door de smalle zonnige straten wil ik genieten, maar mijn buik zit in de knoop. Ik wil naar buiten. Ontsnappen uit de stad. Knerpend zand. Ruisende bomen. Lucht voor zieke longen. Mijn huis in Amsterdam voor een huis op Texel… ruilen. Maar de spelregels zijn weer eens veranderd en we kunnen niet tekenen. De stad is van steen.

Op 30 juli neemt een grote wagen al mijn spullen mee naar het eiland. Op de boot knijp ik in de hand van mijn lief. We eten Chinees in de tuin en slapen tussen de dozen.

Hoogzomer. Ik lig op mijn picknicktafel naar de meteorietenregen te kijken. Ze maken geen geluid. Mijn benen zitten vol bloederige strepen door de scherpe doorns maar ik word beloond met bakken vol dikke zoete bramen. Ik proef schapenkaas. Hele jonge en hele oude. Ik loop op blote voeten over een grazig pad naar de Hoge Berg. Ik duik in zoute golven en laat mijn voeten wegzakken in het natte zand. Was de lucht ooit zo blauw boven Amsterdam?

Herfst. Ineens ben ik ziek en de wereld wordt heel klein. Mijn tuin is het universum en ik zoek tussen de wijnranken naar spinnen en stop af en toe een sappige druif in mijn mond. Ik zet mijn tuinstoel op een beschut plekje en geniet uren van de zon ondanks de frisse wind. De vogels hebben het voer ontdekt dat ik heb opgehangen. Mezen, mussen, groenlingen en vinken. Een grote bonte specht. Een roodborstje vliegt tegen het raam en ligt hijgend in mijn hand. Is dat bloed in zijn snavel? De kwetsbaarheid van het leven. Een grote rode kip komt zomaar de tuin in gestapt. Van mij mag ze blijven, maar dat doet ze niet.

Het is koud. Dik ingepakt stap ik na lange weken in en om het huis weer op de brommer. Hij wacht op me in het bos terwijl ik mijn rondje loop. Langzaam groeit de wereld weer. Wat ruikt het eiland lekker. De toeristen zijn weg en ook de bramen. De heide is allang uitgebloeid en de paddestoelen hebben het mooiste gehad. Het is stil en ik hoor de wind door de dennen ruisen. Ergens roept een buizerd. Ik drink op een bankje groene thee uit mijn thermos. De damp blijft even hangen.

Ik ben verhuisd naar Texel.

Deze post verscheen eerder in het kader van ‘Mijn Moment’, een initiatief van Henk-Jan Winkeldermaat

Geland

Het is gelukt. Het is meer dan gelukt. Wat een geweldige uitkomst van een dik half jaar zoeken naar een ruilwoning en heel veel gedoe. Afgelopen maandag stonden om kwart voor zeven de verhuizers voor de deur en om half drie lieten ze mij en Erik achter in een Texels huis vol dozen. We waren zelf met de trein vooruit gereisd en onderweg had ik steeds weer in Erik’s hand geknepen…. ‘Het is écht!’ Het leek wel of het steeds opnieuw tot me doordrong dat ik echt Amsterdam ging verruilen voor Texel.

Wat me echt heeft overweldigd is de hulp die ik heb gehad en nog steeds heb bij het inpakken en het klussen. Elke dag zijn er mensen voor en met mij in de weer en het huis is inmiddels al echt leefbaar, ondanks de dozenarchipel die nog door het hele huis verspreid staat. Mijn moeder is gekomen voor culinaire bijstand om alle klussers van heerlijke maaltijden te voorzien.

Het is echt… helemaal echt. Na een goed afscheid van Amsterdam ben ik geland op Texel. Mijn eiland.

Texelse meid!

Wat enorm spannend, zo’n woningruil… Ik heb inmiddels één potje op het vuur, en dat is supersnel na een week, maar het is allemaal nog verre van zeker. En toch zit ik al met de topografische kaart op schoot… fietsroutes uit zoeken die ik met de electrische fiederfiets kan doen.

En hoe dat er straks uitziet, zo’n fietstochtje?

Hoor je iets… weet je iets… iemand die van Texel naar Amsterdam wil, of, in verband met een mogelijke driehoeksruil, iemand die van Hilversum naar Amsterdam wil. Laat het me weten!

De grote oversteek

Amsterdam is heerlijk. En ik moet er weg, dringend. Ik heb dankzij m’n astma zo’n last van de vieze lucht dat je hier blijven wonen zou kunnen vergelijken met blijven roken. Het liep eerder zelfs zo uit de klauwen dat ik de vorige winter een dikke drie maanden in het Nederlands Astmacentrum Davos in Zwitserland moest verblijven voor de schone berglucht, waar ik erg van opknapte. Nu vasthouden, die winst…en dat betekent wegwezen uit de stad!

Er zijn veel plaatsen in Nederland waar de lucht schoner is dan in Amsterdam…. behalve de IJmond en de Rijnmond is eigenlijk het hele land schoner, maar ik ga nu voor het optimum. De schoonste lucht vinden we op de Waddeneilanden, punt. En dan ben ik ook nog zo’n mens dat zielsgelukkig in haar eentje met een verrekijker op een dijk kan zitten loeren naar divers vliegend gespuis. Iets wat me nu zelden lukt omdat de stad úit gaan al een expeditie is. In Davos bleek dat voor mij rust en in de natuur kunnen zijn nog belangrijker zijn dan ik al dacht… het beïnvloedt mijn astma enorm. Iets met lichaam en geest, zullen we maar zeggen.

De afgelopen jaren ben ik vaak op Texel geweest en daar maak ik bijna elke keer een klein wonder mee. Als ik aankom heb ik de conditie van grofweg een 70-jarige, of slechter. Dat weet ik, want ik ga vaak met m’n moeder, die in die leeftijdscategorie valt. Op de fiets kan ik haar amper bijhouden. Maar vaak al na een paar dagen eilandlucht ademen gebeurt er iets. Ik heb niet alleen meer lucht, maar ik kán meer… ineens is er energie om een extra stuk te fietsen en stort ik daarna niet vreselijk in zoals ik dat ken van de expedities in Amsterdam – en een expeditie is dan ‘naar de huisarts gaan’, ‘een boodschap doen’, ‘bij vrienden op bezoek’. Als ik in Amsterdam blijf wonen blijven korte tochtjes ‘expedities’ en zal ik weer steeds vaker langere periodes aan huis gekluisterd zijn en kan een toekomstige opname in Davos zomaar weer in het verschiet liggen.

Hoogste tijd om werk te maken van mijn vertrek uit Amsterdam, op zoek naar een goeie nieuwe stek op het eiland…

Vorige week heb ik een woningruiladvertentie geplaatst, superspannend! En binnen een paar dagen kreeg ik een reactie van iemand die een heerlijk huis op Texel wil wegruilen, dus ik was enorm blij. Deze mevrouw wil zelf naar Hilversum, en een eventuele ruil betekent dus een driehoeksruil Amsterdam-Texel-Hilversum. Vandaar dat er nu nóg een advertentie staat. Meerdere potjes op het vuur. Op Twitter  wordt keihard meegeleefd, heerlijk!

Wie helpt mee @fiederels naar Texel te krijgen?

Een tent was fijn…. nu een huis!

UPDATE: Inmiddels is het juni 2012 en is er een nieuwe ruilpartner verschenen, veel bureaucratisch gedoe geweest en ben ik vaak zenuwachtig geweest, maar toch doortastend…. Het gaat lukken! Binnenkort worden er huurcontracten getekend en kan er een verhuisdatum worden geprikt. Dank aan iedereen voor meeleven en adviezen!

Ik twijfel, dus ik eet.

Eigenlijk vond ik altijd dat ik best goed op de hoogte was van wat gezond was. Alleen was ik zelf niet gezond en ik hoopte dat ik behalve door het opvolgen van de adviezen van mijn longarts en het braaf nemen van mijn medicijnen toch nog wat meer kon doen. Gangbare adviezen zoals die van het Voedingscentrum, niet teveel snoepen, genoeg bewegen, die kende ik wel en ik volgde ze ook nog zo’n beetje op. Misschien met wat extra ijs en chocola, die dan weer niet in de Schijf van Vijf staan.
Wanneer je met dit regime uitkomt op een maximale prestatie van 500 meter wandelen en dan niet meer verder kunt is dat buitengewoon onbevredigend. Dus las ik nog wel eens een boekje, zocht  wat op internet en kwam soms dingen tegen, maar behalve dat ik nóg meer groenten en volkorenproducten ging eten veranderde er niet zoveel. Een soort keerpunt kwam er toen ik een keer op foodlog.nl terecht kwam, een geweldige site waar voedingsdeskundigen en -liefhebbers van diverse pluimage informatie brengen en met elkaar in discussie gaan. Er was een hele lange discussie over vet. Ik werd zo’n beetje mijn laptop ingezogen!

Op vet schijn je erg te moeten letten, en dan vooral op verzadigd vet, want daar krijg je zo ongeveer de ergste dingen van. Er zijn wat vitamines het alleen maar doen als ze in vet worden opgelost, dus daarom mag je nog wel een scheutje olijfolie. Magere yoghurt, magere melk, mager, mager, mager. En op de boterham halvarine, want anders valt de magere kaas eraf.

Uit de discussie op foodlog bleek dat het laatste woord helemaal nog niet gezegd is over vet. En het leek er ook nog op dat de niet-lipofoben behoorlijk doortimmerde verhalen hadden.

Wat nu dan?
Her en der viel de naam van ene Gary Taubes. Nooit van gehoord, maar hij bleek een wetenschapsjournalist te zijn, met een achtergrond in natuurkunde en een grote liefde voor échte wetenschap. Uiteindelijk schrijft hij vanuit die liefde over wetenschap die verkeerd gaat, en laat hij zien hoe dat kan gebeuren. Nadat hij onder andere over het fiasco van de koude kernfusie had geschreven kreeg hij van een bevriende wetenschapper te horen dat als hij écht slechte wetenschap wilde onderzoeken, hij maar eens in de voedingswetenschappen moest duiken. En dat deed hij.
The Soft Science of Dietary Fat‘* verscheen in Science en de New York Times publiceerde ‘What If It’s All Been A Big Fat Lie?‘. Ik bestelde zijn boek ‘Good Calories, Bad Calories‘, waarover op foodlog hartstochtelijk gesproken werd en dook in de wondere wereld van het voedingsonderzoek, de politiek, het grote geld, de ego’s, de koolhydraten en de vetten.

Als één ding me duidelijk werd, dan was het dat het bést wel eens zou kunnen zijn dat mijn gezonde eten helemaal niet zo gezond was. En dat andere voedingsadviezen die met vuur worden afgedaan als onvolwaardig of zelfs gevaarlijk, met uitstekend uitgevoerd onderzoek onderbouwd kunnen zijn en tot grote gezondheidswinst kunnen leiden. Mogelijk zijn niet alle conclusies die Taubes trekt correct, maar hij legt haarfijn de fouten in het mechanisme bloot waarmee onze voedingsadviezen tot stand komen, en ik trek daaruit mijn conclusies.

Ik ben mijn eigen eenpersoonssteekproef (n=1) en voel me daar uitstekend bij. Inmiddels één van mijn favoriete ontbijtjes: full English breakfast – zonder toast.

* Het hele artikel is o.a. hier  te lezen

Hap!

Wanneer je ziek thuis zit zoals ik heb je tijd zat. Ook tijd om te bloggen, en het liefst zou ik op die manier een bijdrage willen leveren aan mijn vak, want dat is nog steeds actueel. Het gaat dan over onze omgang met landschap, architectuur, stedebouw en archeologie in de ruimtelijke inrichting. Maar waar blijven die blogstukjes dan? Gaat er niets meer om in mijn hoofd?

Er gaat heel veel om in mijn hoofd, maar als ik eerlijk ben, ben ik het afgelopen jaar vooral enorm intensief bezig met voeding. Een nieuwe passie. Een heel ander vak, dat niet het mijne is, en daarom was ik al die tijd terughoudend erover te schrijven. Toch dat perfectionistische idee dat je eerst expert moet zijn voor je er een mening over mag hebben? Waarschijnlijk wel. Maar ik ga het proberen, want ik denk dat ik dingen ontdek, puzzelstukjes in elkaar aan het leggen ben en volgens het ‘n=1’ principe al een jaar op mezelf experimenteer, dus waarom zou ik daar geen verslag van mogen doen?

Al die medicijnen die ik dagelijks in mezelf stop… er moet toch een andere of minstens aanvullende manier zijn om minder ziek te worden? Dik een jaar geleden begon ik een zoektocht die zich vooral richtte op gezonde voeding. Wat is gezond? Het leek makkelijk – want het Voedingscentrum kauwt dat netjes voor ons allemaal voor – maar bleek het uiteindelijk niet te zijn.

Wat viel me op?

  • Tegenover elke mening staat de tegenovergestelde, vaak allebei hartstochtelijk verdedigd door onderzoekers, artsen, voedingsdeskundigen en politici. Wie afwijkt van de norm is een kwakzalver of erger. Voor een leek wordt het des te moeilijker hierin een weg te vinden.
  • In de tijd zijn de voorschriften voor wat gezonde voeding is aangrijpend veranderd, maar de reden voor de aanpassingen zijn vaak ingegeven door halfbakken wetenschap en politieke en economische belangen. De consequenties zijn groot.
  • Artsen krijgen in hun opleiding heel weinig kennis mee over het effect van voeding op gezondheid.
  • Wanneer je in je inzichten over gezonde voeding afwijkt van de heersende norm, maak je het jezelf niet makkelijk.
Het gevolg van mijn speurtocht en uitprobeersels is in elk geval dat ik de geldende normen voor gezonde voeding schadelijke onzin ben gaan vinden. En dat ik nu mijn eerste blogstukje heb geschreven over voeding – al staat er nog niet in wat ik eet. Ik verklap wel alvast dat het meestal heel lekker is.

Op je buik bij een koeienvlaai

Al duizenden jaren gebruiken we het landschap om er te wonen, ons eten te laten groeien en om van de ene naar het andere plek te komen. Veranderingen op een van die gebieden betekenen veranderingen in het landschap. Houtsingels verdwijnen, rommelige graslandjes worden geëgaliseerd en we leggen meer en bredere wegen aan om onze verplaatsdrift te bevredigen. Natuurlijk weten we dat het niet zo goed gaat met veel diersoorten – en met andere soorten trouwens wel…. maar waar ligt dat aan, en hebben we er invloed op?

In de BBC-serie ‘The Animal’s Guide to Britain‘ laat Chris Packham ons het leven van een aantal diersoorten zien in verschillende landschapstypen en hoe verbluffend eenvoudig het soms kan zijn om het landschap voor mens én dier een goeie leefplek te laten zijn. Als koeien geen ontwormmiddel krijgen, zoals bij biologische boeren, kunnen de eitjes die strontvliegen in de geurige vlaaien leggen uitkomen en hebben hoefijzerneusvleermuizen genoeg voedsel. En wanneer we dan ook nog de houtwallen en boomrijen in het landschap herstellen zodat ze zich ’s nachts met hun sonarnavigatie kunnen oriënteren, komt het helemaal goed met de vleermuizen.

Natuur en cultuur gaan heel goed samen als we het goed doen, maar hoe precies…? Dat vraagt goed uit je doppen kijken en af en toe met je verrekijker en een echte natuurnerd als Chris Packham naar het landschap kijken. Ik hoop beide kanten meer en meer in mezelf te mogen verenigen en elk geval heb ik er nog een goede reden bij om biologisch te eten.